Wikia


Tatta 23860

Ik haat die Kosalaanse ratten al sinds ze mijn familie hebben uitgemoord! Die haat zal nooit verminderen! O, oeps...Ik ben Boeddha's eerste leerling, he? Heh heh. Ik mag geen wrok koesteren, nietwaar? --Tatta

Tatta is van alle door Tezuka bedachte personages in de Boeddha-saga het belangrijkste personage. Hij werd als paria geboren, maar hij zou het schoppen tot roverhoofdman, soldaat van Maghada, lekenbroeder en verzetsstrijder onder de Shakya's. Zijn levensdoel was om wraak op Kosala te nemen voor het vermoorden van zijn familie en voor het executeren van Chapra en diens moeder.

BiografieEdit

KapilavastoeEdit

Als kleine jongen in het eerste album leert Tatta Chapra kennen. Hij helpt hem met zijn moeder te bebrijven van Chapra's slavendrijver door middel van zijn speciale gave. Tatta kan namelijk met zijn ziel in het lichaam van een dier kruipen. Enkele ogenblikken daarna wordt de buurt van Tatta's moeder door Kosalanen verbrand. Tatta verliest zijn familie en is uit op wraak. Hij probeert de Kosalaanse generaal Boedai aan te vallen, maar zijn plan eindigt op het schavot. Hij wordt door een sprinkhanen plaag en door Chapra bevrijd. Na te hebben gescholen gaat Chapra op zoek naar water. Nadat hij Boedai redt en zijn zoon wordt, vertrekken ze te paard naar Savatthi, Tatta, Chapra's moeder en Naradatta volgen hem te voet. Onderweg komen Tatta en de anderen eenslang tegen met een boel eieren. Tatta communiceert met de slang en als de slang een van hun mag eten, mogen de andere twee wat eieren hebben. Tatta offert zich op, maar hij wordt door Bandaka gered, die de hele ruil maar belachelijk vindt. Wanneer Tatta in Savatthi komt, wordt Chapra net in een duel met Bandaka ernstig gewond. Naradatta gebruikt Tatta met zijn krachten om in de huid van een dier te kruipen om naar Asita te gaan voor een geneesmiddel. Onderweg moet Tatta overschakelen op verschillende dieren, omdat ze door verschillende redenen sterven. Uiteindelijk brengt Tatta in het lichaam v
Tatta tijger

Tatta kruipt in de huid van een tijger

an een valk het bericht. Chapra wordt gered, maar hij wordt gelijk aangeklaagd omdat hij een slaaf is van orgine. Hij en zijn moeder worden ter dood veroordeeld en Tatta beloofd zich te wreken of Kosala.

Vier ontmoetingenEdit

In het tweede album probeert Tatta zijn wraak te krijgen door Siddharta op te zetten tegen Kosala. Hij laat Siddharta uit zijn paleis ontsnappen en hij neemt hem mee op avontuur om Siddharta de harde wereld te laten zien. Onderweg ontmoeten ze de roverhoofdvrouw Migaila, die in gevaar raakt nadat ze Siddharta probeerde te beroven. Op verzoek van Siddharta redt Tatta haar. Met zijn drieën trekken ze er op uit, tot Siddharta zo geschokt raakt dat hij weer naar huis wil. Tatta komt er achter dat Migaila verliefd is geworden op Siddharta. Hij help haar door middel van zijn gave om te voorkomen dat Siddharta met Yashodara moet trouwen. Als het plan mislukt verliest Migiala haar ogen en ze trouwt met Tatta. Samen gaan ze een bandieten leven gebinnen.

DevadattaEdit

In het derde album ontmoeten Tatta en Migaila Siddharta weer, die net monnik is geworden. Tatta probeert
Tatta vs Soekanda

Tatta versus Soekanda

Siddharta op allerlei manieren over te halen om de pij aan de wilgen te hangen, maar Siddharta weet met behulp van Assaji weg te komen. In de stad van Vishaka, Pandava, komt Tatta Siddharta weer tegen. Tatta rooft de stad leeg en ontvoert Siddharta en Vishaka. Later, in zijn rovershol, legt Tatta Siddharta uit dat hij bereidt is zijn bandieten leven op te geven, als Siddharta terugkeert naar zijn vaderland. Terwijl Siddharta zich in een tweestrijd verkeert, begint Tatta te duelleren met de ridder Soekanda, die Vishaka probeert te bevrijden. Net wanneer Tatta gewond raakt, komt Siddharta tussenbeide en belooft Tatta dat hij over tien jaar terug keert naar huis. Tatta stemt toe en hij geeft zijn bende een gouden handdruk.

Het woud van OeroevelaEdit

In het vierde album heeft Tatta grote zorgen. Allereerst is hij bezorgd dat Siddharta zijn beloofde tien jaar niet zal halen, nu hij aan het vasten is. Daarbij wordt hij opgejaagd door discriminerende dorpelingen. Maar het meeste zorgen heeft Tatta met Migaila; na een miskraam is ze ernstig ziek geworden en ze is bedekt met zweren. Nadat zijn huis is platgebrand moet Tatta onderdak zoeken in een grot. Siddharta heeft veel medelijden met Tatta en Migaila en hij probeert hen zoveel mogelijk te helpen door kruiden te halen tegen Migaila's ziekte. Als de kruiden niet genoeg helpen, proberen Tatta en Siddharta al het pus uit het lichaam van Migaila te zuigen. Na een jaar is Migaila weer beter. Tatta is Siddharta zo dankbaar dat hij het prima vindt als Siddharta zijn training afmaakt in plaats van terug te gaan naar Kapilavastoe. Wel wil hij Siddharta's eerste leerling worden, als de tijd rijp is. Tatta trekt met Migaila weg, zodat Siddharta geen last meer van hem heeft.

Het hertenparkEdit

In het vijfde album gaat Tatta, met behulp van zijn nieuwe vriend Devadatta, in dienst in het leger van Maghada. Omdat Kosala en Maghada vijanden zijn, kan hij zich zo wreken. Tatta maakt al snel promotie als hij prins Ajatasattoe redt van de woeste olifant Nalagiri. Bimbisara vraagt Tatta om tegen Yatala te duelleren, zodat Maghada een betwist gebied van Kosala krijgt. Dit wordt moeilijk voor Tatta, aangezien Yatala een reus van zeven meter is. Tatta ontdekt dat Yatala ook een volgeling van Siddharta wil worden. Ondanks dat ze het goed met elkaar kunnen vinden, accepteren ze het lot om tegen elkaar te vechten. Als het Tatta niet lukt om Yatala uit te schakelen, besluit Devadatta om Yatala te laten vergiftigen. Tatta is echter te eerlijk om Yatala te doden, en hij eist dat de vergiftiger zich toont. Devadatta beschuldigt Migaila van de misdrijf en maakt haar stom, zodat ze zich niet kan verdedigen. Als Migaila wordt weggevoerd, laat Devadatta Tatta Migaila bevrijden. Tatta besluit Siddharta op te zoeken, om te zien of hij Migaila's stem terug kan krijgen. Siddharta, die inmiddels Boeddha is geworden, weet Migaila's stem terug te geven, door haar ziel binnen te dringen en haar aan te moedigen. Door Yatala's vergiftiging breekt er oorlog uit tussen Kosala en Maghada. Tatta leeft zich erg uit op het slagveld en hij komt er achter dat de prins van Kosala, Viroedhaka, het commando over het leger voert. Door hem te doden zal Tatta's wraak compleet zijn. Boeddha houdt Tatta echter tegen door te drijgen dat hij al zijn banden met Tatta zal breken als hij Viroedhaka doodt. Tatta trekt zich bedroeft terug en hij spaart Viroedhaka.

Prins AjatasattoeEdit

In het zevende album wordt Tatta een lekenbroeder van Boeddha, en samen met Migaila en zijn drie zoontjes verblijft hij in Venoevana. Hoewel hij erg bezorgt is als Boeddha ziek wordt, probeert Tatta toch de moed er in te houden dat alles goed komt. Als Saripoetta en Moggalana worden aangewezen als Boeddha's opvolgers wordt Tatta jaloers. Dit gevoel wordt nog sterker als Boeddha Ananda meeneemt naar Kapilavastoe. Tatta vraagt Devadatta om hulp, omdat er onrust ontstaat in Venoevana.

Tatta5

Tatta overdenkt zijn beslissing met een sigaret

JetavanaEdit

In het achtste album kiest Tatta de kant van Devadatta, nadat hij verleid wordt om zich nogmaals op Kosala te kunnen wreken. Tatta voelt zich hier toch niet helemaal goed over, en hij besluit om naar Kapilavastoe te vertrekken om aan Boeddha toestemming te vragen. Als Tatta Kapilavastoe bereikt, is Boeddha net naar Kosala vertrokken. Hier wordt Tatta's haat nog eens versterkt door de massagraven van doden Shakya's. Als Tatta Bharanda ontmoet, die hem vraagt om Kosala aan te vallen, laat Tatta zich door niets meer tegenhouden. Als hij twee Kosalaanse soldaten doodt, breekt de oorlog uit. Tatta raakt in de strijd gewond en als hij wordt geraakt door een slagtand van de olifant van Viroedhaka, ziet Tatta in dat hij niet meer te redden is. Viroedhaka is eerst van plan om Tatta te sparen, omdat Tatta een volgeling van Boeddha is, maar Tatta beveelt Viroedhaka om hem te doden. Viroedhaka stemt uiteindelijk toe en Tatta wordt verplettend.


Na zijn doodEdit

Boeddha is erg in Tatta teleurgesteld, hoewel hij het verlies van een goede vriend ook berouwt. Vooral Migaila is droevig met het verlies van haar man. Omdat ze er op voorbereid was, weet ze er enigszins overheen te komen.